Netwerk en contractering

Moet er een transformatieplan zijn om te kunnen contracteren?

Een transformatieplan is niet verplicht, maar er moeten wel een plan en begroting zijn. In de praktijk wordt vaak het transformatieplan gebruikt als basis. Klik op 'Transformatieplannen' voor meer informatie en voorbeelden.

Transformatieplannen

Hoe motiveer je partijen om mee te doen aan het netwerk?

Begin met koplopers, bouw vertrouwen op, en sluit aan bij gedeelde belangen zoals het terugdringen van wachttijden.
in onze Kennisbank kun je verschillende webinars over dit onderwerp terugkijken, zoals:
- Een Mentale gezondheidsnetwerk: hoe organiseer je het?
- Samenwerken in Mentale gezondheidsnetwerken: van experiment naar opschalen en systeem-leren!

Kunnen vrijgevestigde praktijkhouders deelnemen aan mentale gezondheidsnetwerken?

Ja, via samenwerking met de contracterende partij(en), dus de ggz-kerninstelling of de RHO. Declaratie van verkennende gesprekken vereist een contract met een zorgverzekeraar. Klik op 'Alle netwerken' voor een overzicht van instellingen (en binnenkort: contactpersonen) per regio.

Alle netwerken

Moet een laagdrempelig steunpunt onderdeel zijn van het netwerkplan?

Nee, dat moet niet. Maar het kan wel handig zijn om mentale gezondheidsnetwerk en laagdrempelig aanbod in één plan te combineren.

Hoeveel ruimte is er voor lokale invulling?

Er is veel ruimte voor lokale kleur, zolang die binnen de landelijke kaders blijft en uitvoerbaar is voor alle partijen.

Waarom hanteren zorgverzekeraars niet gewoon één landelijk tarief voor het verkennend gesprek?

Zorgverzekeraars mogen onderling geen tarieven met elkaar afstemmen. Daarom gebeurt dat ook niet voor het Verkennend gesprek.
Bovendien zijn er in de transformatieplannen vaak al afspraken gemaakt over de tarifering. Daarbij is de context van invloed op het tarief. Wat is de duur van het gesprek? Welke professionals zet je in? Wat is de verhouding directe en indirecte tijd? Dit kan per regio verschillen.

Deelname van de ggz-professional aan het Verkennend gesprek valt onder de NZa-Beleidsregel 'Experiment Deelname ggz aan Verkennend gesprek BR/REG 25145'. Het experiment wordt uiterlijk 1 januari 2029 geëvalueerd. Mogelijk volgt daaruit dat er wel een landelijke prestatie met één tarief komt.

Kunnen Zvw-transformatiemiddelen aan partijen in het sociaal domein worden uitbetaald?

Er zijn twee financieringsbronnen voor transformatieplannen: IZA middelen (voor Zvw-zorg) en SPUK-transformatiemiddelen (voor het sociaal domein). Partijen uit het sociaal domein kunnen via een goedgekeurd transformatieplan SPUK-middelen ontvangen voor transformatie. Dat kunnen middelen voor tijdelijke kosten zijn (bijvoorbeeld voor het ontwikkelen en implementeren van een transformatieplan), maar ook middelen voor structurele kosten binnen de IZA periode.
VWS kent de SPUK-transformatiemiddelen toe aan de mandaatgemeente, die ze o.b.v. goedgekeurde KPI’s uitkeert aan deelnemers in het sociaal domein.

Wanneer zet je transformatiegelden in en wanneer structurele middelen? Moet je beide routes (transformatieplan, contractering) bewandelen?

De transformatiegelden zijn voor het veranderproces. Prestaties die tijdens het opstarten van de uitvoering worden geleverd, kunnen met transformatiegelden worden gefinancierd.
De structurele gelden die via contractering worden afgesproken, zijn voor uitvoering in de doelsituatie. Voor de contractering van de MGN-functies en -coördinatie moeten er een plan en een begroting zijn. Veel regio’s gebruiken het transformatieplan hiervoor.
Het overgangsmoment van de transformatie naar de doelsituatie verschilt per regio. Er mag geen sprake zijn van dubbele financiering.

Zie ook de beleidsregels van de NZa:
• Beleidsregel experiment patiëntengroepsgebonden afstemming binnen Zvw-verzekerde zorg
• Beleidsregel experiment Deelname ggz aan Verkennend gesprek
En:
• Praatplaten bekostiging Mentale gezondheidsnetwerken

Waar kan ik de voorbeeld samenwerkingsovereenkomst vinden? Is er al een toe- en uittredingsformulier?

De voorbeeld samenwerkingsovereenkomst en het toe- en uittredingsformulier staan in onze Kennisbank.

Voorbeeld samenwerkingsovereenkomst

Moet de contractering van het Mentale gezondheidsnetwerk door het college van B&W worden goegekeurd?

Dit afhankelijk van lokale en regionale mandatering. Doorgaans is wel een bestuurlijk akkoord nodig van de gemeente, dus van B&W.

Hoe krijg ik toegang tot het identificatieportaal van de zorgverzekeraar, waarin ik een contract kan aanvragen voor het Mentale gezondheidsnetwerk?

De coördinerende zorgverzekeraar moet de zorgaanbieder aanmelden bij het ‘Identificatieportaal MGN’ van VECOZO. Als de zorgverzekeraar de gegevens volledig heeft ingevuld, geeft VECOZO de zorgaanbieder binnen 5 werkdagen toegang tot het portaal.

Hoe voorkom je dubbele bekostiging bij inzet van PGAZ-prestaties?

PGAZ (Patiëntengroepgebonden afstemming binnen de Zvw) is bedoeld voor domeinoverstijgende samenwerking die niet al in bestaande prestaties zit. Activiteiten die impliciet onderdeel zijn van reguliere huisartsen-, POH-GGZ- of GGZ-tarieven mogen niet nogmaals worden bekostigd. Afstemming in het kader van MGN zal doorgaans nieuw zijn. De afbakening is niet altijd scherp; dit moet per regio in overleg met de verzekeraar worden uitgewerkt.

Zijn er (landelijke) regels over aanpassen of verschuiven van deadlines van KPI’s? Of mogen verzekeraars daar zelf invulling aan geven?

KPI’s zijn onderdeel van het goedgekeurde plan en zijn daarmee onderwerp van afspraken met verzekeraars.
Aanpassing kan alleen in overleg met de betrokken verzekeraars. Belangrijk aandachtspunt daarbij is dat aan de voorwaarden van NZa-beschikking moet worden voldaan. Er is geen landelijke route om KPI’s aan te passen.

Aanmelding en verwijzing

Wie mag een verkennend gesprek aanvragen?

Op dit moment alleen de huisarts. Er wordt landelijk verkend of dit in de toekomst breder kan.

Is voor ggz-zorg na het verkennend gesprek een verwijzing nodig?

Ja. Het resultaat van het verkennend gesprek is een advies aan de huisarts. Die moet vervolgens een weloverwogen beslissing nemen om wel of niet te verwijzen. Dat is niet anders dan bij verwijzing naar de ggz zónder verkennend gesprek.
De huisarts kan er voor kiezen de verwijs-beslissing al te nemen voordat de uitkomst van het verkennend gesprek bekend is. De huisarts weegt dan vooraf of hij behandeling in de ggz als reële en passende optie beschouwt. In dat geval 'zet hij een vinkje' (als het verwijssysteem dat ondersteunt) of stuurt hij de verwijsbrief alvast mee bij de aanvraag van het verkennend gesprek.

In onze regio weten huisartsen de functies van het MGN nog niet te vinden. Hoe kunnen we bekendheid en betrokkenheid vergroten?

Het is belangrijk dat het MGN zich actief zichtbaar maakt richting huisartsen. Bijvoorbeeld door het leggen van persoonlijk contact en het delen van concrete voorbeelden van wat het netwerk in de praktijk kan betekenen. RHO’s kunnen ook een rol vervullen in het vergroten van de bekendheid, bijvoorbeeld via hun nieuwsbrieven of bijeenkomsten, en door verbinding met huisartsen in de regio te faciliteren.

De LHV werkt aan een communicatiecampagne.

Voorwaarde voor meer bekendheid is natuurlijk wel dat er een goed werkend regionaal netwerk is, zodat huisartsen ook echt de meerwaarde van een MGN ervaren.

Verkennend gesprek en beroepen

Welke professionals kunnen deelnemen aan een verkennend gesprek?

De professional moet natuurlijk de mindset en vaardigheden hebben om de persoon om wie het gaat de juiste handvatten te geven. Vanuit het sociaal domein zijn er geen vaste kaders. De ggz-professional moet een beroep hebben dat valt binnen de 'veldnorm beroepen in ggz en fz'.

Veldnorm beroepen in ggz en fz

Kan een ervaringsdeskundige het verkennend gesprek voeren?

Ja. Bij inzet als ggz-professional moet de ervaringsdeskundige wel voldoen aan de eisen van de Veldnorm beroepen in ggz en fz.

Veldnorm beroepen in ggz en fz

Kan een POH-GGZ een verkennend gesprek voeren?

In de ‘Werkwijze’ voor mentale gezondheidsnetwerken staat dat het verkennend gesprek wordt gevoerd door ggz en sociaal domein. Iemand wordt aangemeld voor een verkennend gesprek door de huisarts of POH-GGZ. Het verkennend gesprek zelf is geen huisartsenzorg. Het idee is dan ook niet, dat de POH-GGZ het verkennend gesprek voert dat we bedoelen in de Werkwijze. In dat verkennend gesprek gaat het om vragen die ggz en sociaal domein samen met de burger moeten verkennen.

Het kan natuurlijk voorkomen dat een POH-GGZ ook in de ggz werkt en vanuit dat beroep meedoet in een verkennend gesprek. Dat moet dan wel een beroep zijn dat in de 'Veldnorm beroepen in de GGZ en FZ voorkomt'. En de werkzaamheden vinden dan niet plaats onder verantwoordelijkheid van de huisarts, maar onder verantwoordelijkheid van een ggz-zorgaanbieder.

Voorbeeld:
Een WO-masterpsycholoog kan als POH-GGZ werken (= huisartsenzorg) en kan deelnemen aan het verkennend gesprek (= geneeskundige ggz). Dit zijn twee verschillende rollen met verschillende opdrachtgevers: de huisartsenpraktijk voor de POH-GGZ rol en de ggz-zorgaanbieder voor het verkennend gesprek.

Werkwijze Mentale gezondheidsnetwerken

Wat is een geschikte locatie voor het verkennend gesprek?

Een neutrale, laagdrempelige plek zoals een buurthuis werkt vaak het best. Gesprekken kunnen ook online of bij de burger thuis plaatsvinden.

Is het tarief voor deelname van de ggz-professional inclusief reistijd?

Reistijd kan niet apart in rekening worden gebracht.
Volgens de beleidsregel 'Prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg - BR/REG-25107a' kan reistijd alleen bij een consultprestatie in rekening worden gebracht. De prestatie ‘deelname ggz aan verkennend gesprek’ is geen consultprestatie maar een experimentprestatie.

NZa: Registreren en declareren ggz/fz

Hoe zit het met de bewaarplicht?

Volgens de WGBO moet een verslag van het verkennend gesprek 20 jaar worden bewaard, omdat er sprake is van (tijdelijke) behandelverantwoordelijkheid.

Is er een landelijke klachtenregeling voor het verkennend gesprek?

Nee, maar de zorgaanbieder die de ggz-betrokkenheid in het verkennend gesprek levert, valt onder de Wkkgz. Goede afstemming tussen betrokken partijen is belangrijk.

Wat adviseren jullie voor het inrichten van een klachtenprocedure rond het verkennend gesprek?

Deelname aan een Verkennend gesprek moet voor de burger zo laagdrempelig mogelijk zijn. Als deelname onverhoopt tot een klacht leidt, moet het indienen ook laagdrempelig zijn. Laagdrempelig betekent dat de burger niet zelf hoeft uit te zoeken waar de persoon over wie hij wil klagen werkt, of zich tot meerdere organisaties hoeft te wenden. De landelijke partijen vinden daarom dat de verantwoordelijkheid voor het in ontvangst nemen van de klacht bij het netwerk zou moeten liggen. Het netwerk wijst één adres of ‘loket’ aan waar de burger terecht kan en leidt klachten naar de juiste organisatie(s) of persoon (personen). De precieze interne werkwijze, verantwoordelijkheidsverdeling en afhandelingstermijnen wordt overeenkomen volgens de afspraken in de samenwerkingsovereenkomst. De afspraken zorgen ervoor dat de partijen in het netwerk aan hun wettelijke verplichtingen rond klachtafhandeling kunnen voldoen. Rechtstreeks klagen bij een door een wet aangewezen instantie blijft natuurlijk altijd een optie voor de burger.

Wat registreer je minimaal van de persoon in het verkennend gesprek?

In de Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg staat dat de zorgaanbieder de identiteit en het BSN van een nieuwe cliënt moet vaststellen.
Voor reguliere prestaties moeten (daarnaast) minimaal de gegevens die nodig zijn om te declareren worden geregistreerd. Ook als de RHO hoofdaannemer is. Voor prestaties ten laste van transformatiegelden moeten minimaal de met de verzekeraar contractueel afgesproken gegevens worden geregistreerd.

Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg

Is de aangekondigde vrijstelling van het eigen risico voor het Verkennend gesprek daadwerkelijk geregeld?

Ja, dit is geregeld. In 2025 betaalden de zorgverzekeraars deze vrijstelling. Voor 2026 en verder is het geregeld in het Besluit zorgverzekering.

Besluit zorgverzekering: wijzigingen 2026

Wie bewaart het verslag van het Verkennend gesprek, wie heeft toegang tot het verslag?

De organisatie van de ggz-professional in het Verkennend gesprek heeft volgens de wet een bewaar- en dossierplicht.

In principe hebben alleen de opstellers van het verslag en de huisarts die het verslag ontvangt toegang. De huisarts kan het verslag opslaan in het HIS (Huisartseninformatiesysteem).
Als de burger na het verkennend gesprek naar de ggz wordt verwezen, ligt het voor de hand dat de ggz-aanbieder het verslag ook ontvangt. Zo hoeft dezelfde informatie niet meerdere keren te worden verstrekt.

Zie ook de notitie Verantwoordelijkheden in en na het verkennend gesprek (in de Kennisbank) en de bijlage daarbij.

Burgerlijk Wetboek artikel 7:454.

Is er al een betaaltitel voor deelname van het sociaal domein aan het Domeinoverstijgend Casusoverleg?

Voorlopig moet deelname uit SPUK-middelen worden gefinancierd.

Hoe kan een verkennend gesprek worden bekostigd voor onverzekerde burgers?

Zorgdeclaraties voor GGZ-zorg aan onverzekerde burgers worden vergoed via speciale subsidieregelingen, zoals de Subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden en de Regeling Onverzekerbare vreemdelingen, afhankelijk van de verblijfsstatus van de patiënt. De vergoeding geldt voor medisch noodzakelijke zorg, wat overeenkomt met zorg uit het basispakket.
Zorgaanbieders kunnen de kosten via een aanvraag bij het CAK declareren.

Privacy

Is expliciete toestemming nodig om informatie van verkenners terug te koppelen aan de huisarts?

Niet als vooraf bij de persoon is aangegeven dat de uitkomst van het Verkennend gesprek een advies aan de huisarts is.

Wie heeft toegang tot het verslag van het Verkennend gesprek?

Zie "Wie bewaart het verslag van het Verkennend gesprek, wie heeft toegang tot het verslag?" onder Verkennend gesprek en beroepen.

Overige onderwerpen

Is er een landelijke richtlijn voor gegevensuitwisseling?

Er is geen aparte landelijke richtlijn. Omdat de burger zelf betrokken is, is het vragen van toestemming voor uitwisseling een praktische optie.

Is er een landelijke klachtenregeling voor het verkennend gesprek?

Nee, maar de betrokken zorgaanbieders vallen onder de Wkkgz. Goede afstemming tussen betrokken partijen is belangrijk.

Komen er landelijke richtlijnen voor verantwoording en controle van lumpsum-prestaties zoals de PGAZ?

Op dit moment zijn daar geen plannen voor. Bepalend voor de verantwoording en controle zijn de contractafspraken over de inzet van deze prestaties. Als er meer duidelijkheid is over de eisen die de NZa stelt aan zorgverzekeraars ten aanzien van de verantwoording van deze prestaties, zouden er mogelijk alsnog landelijke richtlijnen kunnen komen.

Heeft het AZWA gevolgen voor de financiering van Mentale gezondheidsnetwerken?

Nee, op dit moment niet. Mogelijk worden de Mentale gezondheidsnetwerken in de toekomst een basisfunctionaliteit.

Website Zorgakkoorden

Wij moeten als RHO mogelijk de activiteitencode in het Handelsregister aanpassen als we het verkennend gesprek gaan leveren. Heeft dat juridische gevolgen?

Het organiseren of faciliteren van het verkennend gesprek maakt een RHO geen GGZ-aanbieder. Wel moet contractueel goed worden vastgelegd wie welke rol en verantwoordelijkheid heeft.